//
Artikelen

De Vergeten Voetballer

Deze categorie bestaat uit 10 berichten

Een rendez-vous met een ‘citoyen mondaine’. De terugkeer van verloren zoon Nicolas Anelka

Het stond ergens onderaan de La Gazzetta Dello Sport. ‘La Vecchia Signora’, de oude dame, van Italië contracteert een 33-jarige Franse voormalige vedette. Het zwart-witte Juventus, ‘I Bianconeri’ in de Turijnse volksmond, haalt de geroutineerde spits per direct terug uit het verre oosten. China: het voetballand van letterlijke en figuurlijke dwergen, het land waarin discipline met een hoofdletter wordt geschreven en waar teamspel de geest van het communisme in zich draagt. Maar ook het land waar steeds meer routiniers komen uitbuiken tegen een riant, vaak direct in dollars uitbetaald, salaris. Ook het ogenschijnlijke en trieste eindpodium van een spits die immer werd beticht van groot talent, maar vooral de boeken in is gegaan als de voetballer die broodvoetbal een geheel nieuwe betekenis heeft gegeven. En toen kwam daar Turijn. Dit is het verhaal van een man die net zo gehaat als geliefd was, van een man die nooit écht tegen de immer hoge verwachtingen op kon boksen. Dit is het verhaal van Nicolas Anelka. Lees verder

‘Jay-Jay – so good they named him twice’: een verhaal over Nigeriaanse spelvreugde en een miskende carrière

Hij is waarschijnlijk de beste Afrikaanse speler die nooit tot beste Afrikaanse speler is gekozen. Hij was een dragende kracht in het meest succesvolle Nigeriaanse elftal dat er ooit is geweest. Zo speelde hij zij aan zij met prachtige spelers als Sunday Oliseh, Taribo West, Tijani Babangida, Daniel Amokachi en Celestine Babayaro, en was hij er bij toen de Super Eagles geheel tegen verwachting het Olympische goud pakten op de zomerspelen in Atlanta, Verenigde Staten in 1996. In zijn clubcarrière pakte hij evenwel nauwelijks een belangrijke titel. Niettemin zal zijn kenmerkende overstapschijnbeweging (1:29) bij menig voetballer in het geheugen gegrift staan, evenals het buskruit in de benen. Bij het Turkse Fenerbahçe maakte hij voor het eerst écht furore, werden zijn vrije trappen legendarisch en heette hij Muhammet Yavuz. Hier ten lande zal hij echter vooral onder zijn Nigeriaanse (bij)naam bekend staan: Jay-Jay Okocha. Lees verder

De laatste der Mohikanen: Stijn Vreven

‘Soms denk ik wel eens: ik ben in een verkeerde wereld geboren. Het liefst leefde ik tussen de indianen’.

Maar hij stond op het voetbalveld. De opzienbarende uitspraak komt van een man van wie je niet anders had verwacht. Een man ook, waar de volgende uitspraak aan toe te dichten is: ‘Bizar hoe iedereen een mening over me heeft. Een sportpsycholoog meende te weten dat ik problemen thuis zou hebben. Over termen van gekheid spreken terwijl ik die man nooit heb ontmoet… Dat is typisch Nederland’. Een speler die niet schroomde de grens op te zoeken en er regelmatig finaal overheen te gaan: ‘Kijk, als het minder gaat met mijn elftal, gooi ik nog wat extra op mijn wedstrijdbeleving. Als ik er dan nóg een schepje bovenop doe, ga ik vaak gigantisch over die lijn’. Hij maakte furore bij FC Utrecht omdat hij met zijn wedstrijdbeleving perfect bij de fanatieke aanhang van de club leek te passen. Die sloten hem dan ook in het hart, terwijl de rest van het land de opvallende vertoning uit Vlaanderen zijn over de schreef gaan vergaf omdat hij eensoortig was in de vaderlandse competitie. Na de succesperiode in de Domstad reeg de rechtsback echter een hoop clubs aan elkaar zonder nog een keer zo populair te worden, verbruikte zijn houdbaarheidsdatum bij directies en medespelers in recordtempo en ging overal met ruzie weg. Lees verder

De teloorgang van de hoop. Brutil Hosé, verdwenen wonderkind van Ajax

De gedachten gaan terug naar de tweede helft van de jaren negentig. Terwijl de ‘Generatie ‘95’ afzwaait kijken Ajaxfans reikhalzend uit naar de nieuwe lichting spelers. De fans hebben van horen zeggen dat ook de nieuwe generatie barst van het talent. Ajax lijkt op rozen te zitten: onder trainer Morten Olsen pakt Ajax in het seizoen 1997/1998 de dubbel, terwijl ook Ajax A1 met kop en schouders boven de concurrentie uitsteekt. In Ajax A1 springt één naam vooral in het oog: spits Brutil Hosé maakt dat seizoen maar liefst 39 doelpunten in één jaargang, wat hem op de bijnaam ‘De nieuwe Kluivert’ komt te staan. Men is lyrisch op De Toekomst: Hosé zou de Amsterdamse trots de komende jaren van tal van doelpunten voorzien, alvorens hij naar een Europese topclub zou vertrekken. Niets kon er misgaan, zo leek. Anno 2012 is Hosé verdwenen in de donkere spelonken van het amateurvoetbal. Wat is er gebeurd met de man die meer talent kreeg toegedicht dan zelfs Patrick Kluivert? Waar kwam de kink in de kabel en welke lessen zijn hier uit te trekken? Dit is een verhaal van hoop en, vooral, desillusie. Lees verder

De melancholie van een missionaris. Christian Gyan, cultheld uit De Kuip.

Zomaar een dag in de Rotterdamse haven. Terwijl de zon opkomt boven het klotsende water wordt de horizon gekleurd door de contouren van de hijskranen. Het zilte van versgevangen vis en de penetrante geur van scheepsdiesel vullen de atmosfeer. In de verte zijn mannen in overalls bezig dozen met ingevroren visfilets te sjouwen op houten pallets. Hier geldt het recht van de sterkste. Tussen al het testosteron valt één man in het bijzonder op. Nog geen 1,65 meter lang en diep verborgen in een vaalblauwe parka schuifelt de man in kwestie door de gigantische loodsen. Niet iemand die op het eerste oog een UEFA Cup-finale op zijn CV heeft staan. Het is het vergankelijke lot van Christian Gyan, voormalig cultheld uit de Rotterdamse Kuip. Lees verder

Tarik Oulida en de ondraaglijke last van een erfenis

Andrés d’Alessandro en Pablo Aimar zouden de nieuwe Diego Maradona worden, terwijl een handvol Brazilianen en ook de Amerikaan Freddy Adu al het stempel kreeg van ‘nieuwe Pele’. In het nuchtere Nederland zijn de extatische bewonderingsuitingen spaarzamer, maar ook hier kwamen we al een ‘nieuwe Cruijff’ tegen. Met als meest opmerkelijke feit dat hij niet door de media tot wonderkind werd gebombardeerd, maar door nummer 14 zelf. Lees hier het levensverhaal van Tarik Oulida, Ajax-talent en bron van de eerste ergernissen tussen Johan Cruijff en Louis van Gaal.
Lees verder

Dave van den Bergh. Goed voorbeeld doet volgen: hoe een man met ballen het avontuur aanging

Coen Moulijn, Piet Keizer, Bryan Roy en Marc Overmars: zomaar wat namen die de afgelopen jaren furore wisten te maken aan de linkerzijde van de aanval van het Nederlands Elftal. Hun kenmerken? Snelheid, een duizelingwekkende dribbel in de benen en gezegend met een voorzet waar Stanislav Manolev alleen maar van kan dromen. Het zijn linksbuitens van de oude stempel, voetballers die het krijt aan de schoenen hadden staan en het best gedijden aan de zijlijn. Terwijl Derk Boerrigter de erfenis van zijn voorgangers moeiteloos op zijn schouders lijkt te nemen, gaan de gedachten terug naar de Utrechtse Galgenwaard: want hier, ondanks Amsterdamse roots, genoot een zekere linksbuiten veel populariteit onder de fanatieke Utrechtse aanhang. We hebben het over Dave van den Bergh, voormalige vleugelflitser van het klassieke soort.  Lees verder

Mariano Bombarda, de laatste ‘Bomber’ van Brabant

Hij is een held onder de fanatieke supportersschare van NAC Breda. Zijn naam? Alex Schalk, alias ‘Der Bomber van Breda’. De jonge spits die noodgedwongen de vertrokken Matthew Amoah moest vervangen werd na een flink aantal doelpunten in de voorbereiding omgedoopt tot Breda’s eigen Sturm-und-Drang-spits. De bijnaam van de stevig gebouwde Schalk stamt af van de Duitse tormeister Gerd Müller, de man die op pijnlijk zichtbare wijze de tekortkomingen van Jan Jongbloed openbaarde als doelman van het Oranje uit 1974. Bij het horen van deze naam gaan de gedachten terug naar de laatste ‘Bomber aus Brabant’, de Argentijnse spits Mariano Bombarda. Wat is er gebeurd met de laatste goede spits die in Tilburg speelde; de man die met zijn kenmerkende kont-erin-draaien-en-schieten-stijl steevast garant stond voor doelpunten? Lees verder

Yuri Nikiforov. Bescheiden rots in de branding

In de zomer van 1998 was het duidelijk, het zou een tussenjaar gaan worden voor PSV. Het was wachten op de nieuwe trainer Erik Gerets – in een roemrucht verleden furore makend als rechtsachter van de Eindhovenaren – die nog een seizoen vast lag bij werkgever Club Brugge. Voordat de gemoedelijke Belg zijn intrede zou doen op de Herdgang moest er dus een seizoen overbrugd worden en voor de functie van trainer werd een oude bekende benaderd: de verpersoonlijking van het begrip gentleman Bobby Robson wilde best voor een seizoen zijn oud-werkgever uit de brand helpen.  In het kielzog van de Brit volgden er een heleboel exoten, die  de velden van de Herdgang gingen bevolken. Passanten als peroxide-verdediger Abel Xavier en de Braziliaanse talenten Jorginho en Marcos; velen zijn hen al lang vergeten. Slechts een robuuste Oekraïner verloor zijn hart aan Eindhoven en zou er in vier seizoenen tot bijna honderd wedstrijden komen. De Grote Vriendelijke Reus uit Odessa zag verschillende collegaverdedigers in Eindhoven passeren, maar bleef zelf jaar in jaar uit trouw aan PSV. Ook toen de club overspoeld werd met nieuwe vedetten-van-de-toekomst zoals Mark van Bommel, Johann Vogel en Arnold Bruggink, kon de Eindhovense verdediging immer rekenen op Yuri Nikiforov.

Lees verder

Quincy Owusu-Abeyie, de desillusie van een ruwe diamant

En weg was hij: ‘nowhere to be found’. De technische staf van het Spaanse Malaga bleef bellen en bellen, maar kreeg geen gehoor. Spoorloos. ‘La Gacela’, vrij vertaald ‘de Gazelle’, was niet meer. De man die de gedoodverfde opvolger van Arjen Robben werd genoemd en het Nederlands elftal van de eenentwintigste eeuw van dribbels en assists moest voorzien kwam niet opdagen op één van de trainingen van de Zuid-Spaanse voetbalclub.  Het lijkt een repetitieve notie in de nog immer prille voetbalcarrière van de jonge Nederlander met Ghanese roots. Het is het verhaal van een jongen die opgroeide in een wijk die snel de desastreuze tekortkomingen van het naoorlogse modernisme liet zien en waarin ‘overleven op straat’ een wijdverspreid adagium werd. We hebben het hier over Quincy Owusu-Abeyie, voormalig vleugelspits uit de Amsterdamse Bijlmer.

Lees verder