//
Artikel
Artikelen

Jeugdbeleid van Ajax: tussen ideaal en hypocrisie

Ajax kondigde onlangs aan drie miljoen euro extra te willen investeren in de jeugdopleiding, bovenop de al geplande uitbreiding van het budget van zes naar zeven miljoen. Doel is duidelijk. ‘Zodat we steeds meer Christian Eriksens kunnen gaan opleiden,’ aldus coach Frank de Boer. Technisch directeur Marc Overmars maakt het beleidstechnische een-tweetje bij Ajax in VI af: ‘Alles is er bij Ajax op gericht dat we elk jaar minder aankopen hoeven te doen’ . De redenen zijn duidelijk: de financiële middelen van de club uit Amsterdam zijn in verhouding tot de Europese top beperkt en de club wenst niet meer mee te gaan in de inflatoire opwaartse spiraal van transfersommen en salarissen. En dus wordt een andere weg in geslagen. Zo min mogelijk aankopen, zoveel mogelijk doorstroming vanuit de jeugd. Doel is op deze manier exceptionele talenten klaar te stomen waarmee dan een à twee seizoenen Europees succes behaald moet worden. Maar hoe realistisch is dit streven? Raakt men in Amsterdam voorbij het uitspreken van een lovenswaardige visie wars van opportunisme en het stoïcijns volgen van het zelfverklaarde ideaal?

Hypocrisie in de hoofdstad

Een club bekritiseren op zijn visie en idealen is nooit doel op zich. Zeker wanneer deze uit nood geboren zijn. Ajax kan simpelweg geen andere kant dan de huidig ingeslagen weg op. Het geld is op. De komende twee seizoenen kan echt de balans opgemaakt worden wat betreft het resultaat van Cruijf’s revolutie – hoewel een dergelijke benaming de daadwerkelijke dragers van het beleid als De Boer en Overmars tekort doet. De twee onmiskenbaar belangrijkste spelers – Eriksen en Alderweireld – zijn vlak voor het sluiten van de transfermarkt weggekaapt en het moet gezegd: Ajax houdt woord. Geen paniekaankoop, geen exorbitante salarissen of transferbedragen worden vanuit Amsterdam overgemaakt.

Het is bijzonder interessant te zien wat deze vooraf voorspelde leemte als gevolg van het vertrek van Alderweireld en Eriksen betekent voor de resultaten. Nationaal zal Ajax om de titel mee blijven doen, maar hoe houdt de overtuiging en het beleid van Overmars, De Boer en anderen zich in Camp Nou en Celtic Park staande? Een nederlaag in de Champions League tegen Real Madrid was het startschot voor de ‘revolutie’, maar we zijn nu twee jaar verder en nog steeds maken Ajacieden zich geen illusies in wedstrijden tegen de Europese top. Alles hangt samen met het speerpunt van het uitgesproken beleid: wie breekt er door vanuit De Toekomst?

Volgens het beleidsmodel dat een aantal jaren geleden voor het eerst geïmplementeerd is, zou het vertrek van Eriksen en Alderweireld door jongens van De Toekomst opgevangen moeten worden. Ajax zit momenteel echter nog in een overgangsfase, getuige de aankopen van Van der Hoorn (3,8 miljoen) en Duarte (3 miljoen). Hoewel voor de betaalde bedragen zeker geen miskopen, blijft het vreemd dat dergelijk breedteaankopen gedaan worden terwijl spelers als Denswil en Serrero klaar staan. Het niveauverschil tussen deze vier is verwaarloosbaar, zeker bezien tegen de achtergrond van de betaalde transferbedragen. Zelfs al gunnen we Ajax dit jaar nog respijt – omdat talenten nu eenmaal niet uit een fabriek komen rollen, maar na jaren lange opleiding klaargestoomd moeten worden – dan nog is er sprake van enige hypocrisie in Amsterdam.

Ten eerste de uitspraak van Overmars dat er zo min mogelijk aankopen gedaan worden. De jongens moeten namelijk uit de jeugd doorstromen. Kijken we echter naar de spelers die de laatste vijf jaar die stap gemaakt hebben, dan kom je tot de conclusie dat het feitelijk allemaal aankopen zijn. De spelers die volgens de kenners de komende twee jaren echt iets kunnen toevoegen aan het eerste zijn tevens voornamelijk ingekocht: denk bijvoorbeeld aan Vaclav Cerny, Dejan Meleg en Riechedly Bazoer. Joël Veltman en Ruben Ligeon maken als exponenten die de hele jeugd hebben doorlopen vooralsnog een prima indruk, maar of ze uiteindelijk langdurig van toegevoegde waarde zijn is de vraag: wat betreft eerstgenoemde is het wellicht tekenend dat Van der Hoorn voor een behoorlijk bedrag gehaald is.

Aankopen en doorgestroomde spelers Ajax onder De Boer

Aankopen en doorgestroomde spelers Ajax onder De Boer

Ajax doet dus niet minder aankopen, de club probeert gewoon eerder bij de grote talenten te zijn dan Europese topclubs. En dat is prima, maar het botst wel met de moreel idealistische zweem die rond het uitgesproken beleid van de club hangt – namelijk dat er niet meer meegegaan wordt in de internationale spelerscarrousel. Integendeel zelfs. Ajax probeert gewoon veel sneller in te stappen door spelers zo jong mogelijk te halen. En daarbij worden relatief grote bedragen betaald. Tussen de een à twee miljoen euro voor vijftienjarige spelers betalen die nog helemaal niets hebben bewezen is beleidstechnisch in zekere zin minder te billijken dan zes miljoen voor een speler die reeds drie jaar op hoog niveau in de Eredivisie heeft gevoetbald.

Een tweede pendant van het nieuwe op jeugd gerichte beleid bij Ajax is ook niet helemaal vrij van hypocrisie. Daarbij gaat het om het aanbieden van profcontracten aan jeugdspelers. Enerzijds is er een beleid uitgestippeld met de gedachte dat jeugdspelers op De Toekomst pas wanneer ze het ‘verdienen’ een profcontract krijgen. Ajax claimt daarmee tegen de ratrace van het zo vroeg mogelijk aanbieden van profcontracten aan spelers onder de zestien in te gaan. Beleid wordt gemaakt op basis van inschatting en overweging: een speler krijgt een profcontract als hij daadwerkelijk iets toevoegt, niet omdat hij net zestien is geworden en potentie toont. Aldus de mooie woorden in de Ajax-burelen.

Ondertussen lepelt de club veertien- en vijftienjarigen van andere clubs in Nederland – recente voorbeelden zijn Anwar El-Ghazi (Sparta) en Riechedly Bazoer (PSV) – en uit het buitenland  – Dejan Meleg (FK Vojvodina), Vaclav Cerny (FK Pribram) en Nathan Leyder (Zulte Waregem) – binnen.

Dat valt totaal niet in overeenstemming te brengen met het hierboven uitgesproken ideaal. Wanneer daarop gewezen reageert het technisch hart tegenstrijdig. Enerzijds geven ze op een visionaire manier vol idealen hoog op over feit dat ze zich niet laten gek maken door het zo vroeg mogelijk vastleggen van jeugdspelers tegen hoge bedragen – een speler krijgt een contract wanneer hij dit heeft verdiend. Anderzijds geven ze als antwoord op de vraag waarom ze spelers uit het binnen- en buitenland achter de rug van clubs om benaderen en contracteren op hun veertiende en vijftiende, dat ze ‘niet anders kunnen vanwege de concurrentie’. De idealen houden dus op bij de randen van De Toekomst.

Wranger wordt het wanneer een eigen talent van de door het technisch hart zo gezochte ‘buitencategorie’ veel langer moet wachten op zijn profcontract, zoals Abdelhak Nouri. ‘Hij is ontevreden omdat Ajax hem nog geen contract heeft aangeboden. Johan Cruijff zou daar persoonlijk voor zijn gaan liggen’, aldus ingewijden. In het verlengde daarvan: bekijk de onderstaande tabel van jongens die tussen 2001 en 2003 de volledige Ajax-jeugd hebben doorlopen en het eerste haalden, en probeer huidige voorbeelden daarvan in Ajax I voor de geest te halen.

Spelers die de volledige Ajaxjeugd doorliepen in de periode 2001-2003

Doorgebroken spelers die de volledige Ajaxjeugd doorliepen in de periode 2001-2004

Hypocrisie of het beste van twee kwaden?

Valt dit de club aan te rekenen? Dat is een lastig vraagstuk. Ik geloof in ieder geval oprecht in het beleid dat Ajax probeert te maken, heb vertrouwen in Overmars en De Boer en vind hun vasthoudendheid in ieder geval in verhouding tot de beleidsmakers elders bewonderenswaardig. Helemaal recht in de leer kunnen ze natuurlijk niet zijn. Er moet gewoon gepresteerd worden en hoe goed je beleidsplan en jeugdtraining ook is, als er geen talent in de eigen jeugd rondloopt moet je de gemiste kwaliteit elders halen.

Er zit overigens ook gewoon een duidelijk financieel belang voor Ajax aan het nieuwe beleid vast: jeugd opleiden en verkopen levert meer op dan spelers later halen en doorverkopen. Buiten De Zeeuw, Suarez en Huntelaar heeft Ajax binnen de laatste categorie geen winst behaald. Dat waren echter zulke grote klappers dat het opgehaalde bedrag met jeugdspelers in de laatste vijf jaar ongeveer hetzelfde is als met doorverkochte spelers: 61 om 63 miljoen. De eerste categorie heeft echter veel minder gekost.  Qua winst gemaakt op transfers doet Ajax het uitstekend, zoals de onderstaande tabel aantoont.

Transferopbrengsten en kosten Ajax afgelopen jaren

Transferopbrengsten en kosten Ajax afgelopen jaren

Nu is dat gegeven naast letterlijk ook figuurlijk al winst op zich: nog niet zo lang geleden stond Ajax er financieel behoorlijk slecht voor. Tevens mag niet vergeten worden dat Ajax onder het nieuwe beleid en de uitstekende leiding van Frank de Boer, naast een oase van rust, drievoudig kampioen is. Prestaties die zeker gewaardeerd moeten worden. Het punt is echter dat het doel en ambitie van het nieuwe beleid veel hoger liggen. Namelijk op Europees topniveau. En bij die ambitie zet ik mijn ernstige twijfels.

Nog niet eens zozeer omdat ik niet vertrouw in de kunde van de mensen die momenteel de touwtjes in handen hebben bij de Amsterdamse club – integendeel, die lijken me zeker voor de taak geschikt. Het is simpelweg onmogelijk omdat op Europees niveau enkele fundamentele structuren en regels clubs als Ajax – en PSV, Feyenoord, Anderlecht et cetera – tegenhouden door te groeien. Maar lees daarover meer in deel II van dit tweeluik!

Over Thomas Vries

"Mijn voorliefde voor voetbal en voetbalverhalen komt voort uit een in mijn jeugd ingeslopen gevoel van miskenning. De kleine Thomas – rechtsbuiten van D-1 van VV Beegden – schreeuwt in mijn volwassen zelf over het algemeen hard om aandacht die hij als – laten we eerlijk zijn – matig begenadigd manusje-van-alles nooit kreeg van jeugdtrainer Grad. Daar komt ook mijn onvoorwaardelijke steun aan de underdog vandaan: zie het als een verlate zelfrechtvaardiging. Aldus voel ik me genoodzaakt op een andere manier aan te tonen dat ik heus wel ergens goed in ben wat betreft voetbal: niet zozeer tegen een bal trappen, maar meer het schrijven van het voetbalverhaal. Als door het postmodernisme beïnvloede cultuurhistoricus en stadsgeograaf is het mijn doel om aan De Skybox bij uitstek narratieve bijdragen te leveren. Het gaat mij vooral om het uitwerken van een gekozen thema, een invalshoek, een mooie anekdote of metafoor: onderwerpen als sociale vereniging, de tragiek van het zwarte gat na de voetbalcarrière en het persoonlijke verhaal van een net-niet wereldberoemde voetballer, dát zijn de verhalen die ik graag als ware het een voorleesavondje aan het publiek van deze website wil vertellen. De mogelijkheid tot het uitwerken van een heel kleine metafoor, een vergeten tragiek, tot een kort romanachtig verhaal is waarom ik met veel enthousiasme samen met mijn compagnons dit initiatief heb opgericht."

Reacties

Trackbacks/Pingbacks

  1. Pingback: Waarom Ajax nooit meer de Champions League zal winnen | - 19 september 2013

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: