//
Artikel
Artikelen

Trainer op de vlucht voor de Stasi. De loopbaan van Jörg Berger

1979. Terwijl enkele jaren eerder op het hoogste niveau de toenadering tussen Willy Brandt en Erich Honecker zeer precair tot stand is gekomen, woedt op andere niveaus van de samenleving nog een bittere strijd tussen de twee Duitse staten. Het Ministerium für Staatssicherheit (Stasi) treedt onverbiddelijk op tegen wat Republikflucht heet: het vluchten uit de Oost-Duitse republiek. Of het nu gewone burgers betreft, of gevierde voetbaltrainers als Jörg Berger. Diens leven staat bol van scenes die rechtstreeks uit een Bond-film lijken te komen: de pré-Daniel Craig-versies welteverstaan, toen de films nog een onmiskenbaar us and them-gehalte hadden. Ja, de Koude Oorlog is in de jaren zeventig en tachtig nog lang niet ontdooid. Vandaag duikt de Skybox in de geschiedenis van een succesvolle voetbalcarrière ondanks verwoede pogingen van de Oost-Duitse veiligheidsdienst om deze vroegtijdig te laten sterven. Letterlijk.

De Stasi in het huwelijksbed

Jörg Berger groeide onbekommerd op, had een fijne jeugd en was naar eigen zeggen een echt kind van de DDR. De luxe waar het westen van het verdeelde land vanaf het Wirtschaftswunder van genoot, was de opgroeiende kinderen van de Oost-Duitse republiek vreemd – “natürlich hatten wir keine Bananen” – maar dat baatte niet. Als kind was de in Gotenhafen – het huidige Poolse Gdynia – geboren Berger tevreden en hij besloot op vroege leeftijd zijn voetbalschoenen aan te trekken. De jongen was getalenteerd en wist uiteindelijk carrière te maken bij de eerstedivisionist Lokomotiv Leipzig. Berger werd echter op zeer jonge leeftijd gedwongen die loopbaan als speler te beëindigen wegens een blessure. Daaropvolgend besloot hij een studie te volgen aan de DHfK Leipzig, een soort hogeschool voor sport. Na het behalen van zijn diploma betrad hij wederom het toneel van het profvoetbal, zij het dit maal als trainer.

Berger ontwikkelde zich bij FC Carl Zeiss Jena en Hallescher FC Chemie tot een gevierde trainer en werd door kenners als gedoodverfde opvolger van bondscoach Georg Buschner bestempeld. Niet voor niets nam de nog steeds jonge trainer in 1976 de leiding over het jeugdelftal van zijn land. Hij zou echter nooit de hoofdmacht van de DDR leiden. Dat had niets met het gebrek aan leidinggevende kwaliteiten of voetbalinzicht te maken. Nee, het was het privéleven dat Berger parten zou spelen. Dat, en het feit dat hij als publiek figuur argwanend gadegeslagen werd door de alomtegenwoordige Stasi.

De coach was getrouwd geweest, maar in goed overleg waren hij en zijn vrouw uit elkaar gegaan. Daaropvolgend onderhield Berger veelvuldig contact met een schare aan vrouwen. Een ongebondenheid die hem beviel, daar hij niet hertrouwde, ondanks zeer reële druk van overheidswege. In een interview uit 2009 met Die Welt zei hij daarover: “Dann habe ich angefangen, als Fußballtrainer Karriere zu machen, da sind Staat, Partei und natürlich auch die Stasi auf mich aufmerksam geworden. Damit musste ich rechnen. Und dann kam der Punkt, an dem man anfing, mich und meine Familie privat unter Druck zu setzen.” Het lijkt absurd dat een regering zich bezig houdt met het liefdesleven van de coach van ’s lands jeugdelftal. Het is nauwelijks voorstelbaar dat het hoofd van de AIVD het lepeltje-lepeltje moment van Louis en Truus herhaaldelijk stoort om ze te bewegen te trouwen, hoewel een deel van het Nederlandse journaille heden ten dage de grens tussen werk en privé van de bondscoach danig opzoekt.

Maar in de DDR golden andere wetten, temeer daar Berger de gedoodverfde bondscoach was; een publieksfunctie. Zijn ongehuwde staat betekende voor de Stasi een ‘erhöhte Fluchtgefahr’ en omdat de vertegenwoordigende elftallen van de Oost-Duitse staat ook ten westen van het ijzeren gordijn speelden, stond Berger onder nauw toezicht. Zo werd de coach achtervolgd als hij met zijn auto van Leipzig naar zijn vriendin in Potsdam reed. Gehuwde mannen hadden minder motief te vluchten. Berger werd aldus voor de keuze gesteld: wilde hij zijn loopbaan bij de Oost-Duitse voetbalbond uitbouwen, diende hij te trouwen. Tot die tijd mocht de coach niet reizen en de Stasi probeerde hem te bewegen zijn carrière als trainer op te geven ten faveure van een positie als gezichtsloze ambtenaar op het ministerie. Terwijl de druk werd opgevoerd, zorgde een door Berger totaal onverwachte wending ervoor dat hij een beslissing nam die hem de rest van zijn leven zou blijven achtervolgen.

Een leven van twee helften

In maart 1979 speelde het jeugdelftal van de DDR een wedstrijd in Joegoslavië. Volstrekt onverwacht kreeg Berger toestemming zijn team te begeleiden in Belgrado. Meteen stond het voor de coach vast dat hij niet zou terugkeren uit Joegoslavië. Hij nam afscheid. Eerst van zijn achtjarige zoon, het moment dat hem het zwaarste viel. Daarna van zijn moeder, heimelijk op de zolder van het ouderlijk huis in Leipzig, die hem een tip meegaf: “Glaube nicht, dass die da drüben auf dich warten.” Aldus zou de wedstrijd in Belgrado de boeken ingaan als de dag waarop een van Oost-Duitslands meest gevierde coaches via de trein de benen nam.

Toen hij het Westen bereikte echoden de woorden van zijn moeder, toen mensen hem herhaaldelijk vroegen: “Warum bist du denn überhaupt gekommen? Du hattest doch alles.” Berger kwam inderdaad niets te kort toen hij in de DDR leefde – materieel gezien dan. Hij voelde zich echter beperkt in zijn vrijheid: “Da hat sich mein Freiheitsdrang gemeldet, ich dachte: Du kannst doch nicht die nächsten 30 Jahre in so einer Situation leben.” Vandaar dat hij de keuze om onder de valse naam Gerd Penzel naar de BRD te vluchten als onvermijdelijk zag. Toentertijd in ieder geval. Later zei hij echter: “Hätte ich gewusst, wie unglaublich stark die Stasi war, wie kriminell und wie mächtig, dann hätte ich die Flucht wohl nicht gewagt.”

De lange armen van de Stasi reikten in de DDR diep en ver. Zijn ouders stonden continu onder toezicht van de Stasi en mochten niet of nauwelijks reizen. De zoon van Berger – een begenadigd talent – was het verboden te voetballen en kenbaar te maken wie zijn vader was, alsof hij er geen meer had. De relatie tussen vader en zoon leed daar hevig onder en toen ze elkaar jaren later in Praag voor het eerst weer ontmoetten, zei het kind: “Ich habe bei einer Lotterie ein Treffen mit einem Bundesliga-Trainer gewonnen, aber nicht mit meinem Vater.” De gevolgen die de gevluchte voetbalcoach zelf troffen waren echter van veel gewelddadiger aard.

De Stasi was namelijk ook in de West-Duitse staat actief, een feit dat zeer reële gevolgen had voor Berger, die inmiddels emplooi had gevonden als coach van achtereenvolgens SV Darmstadt 98, SSV Ulm 1846 en uiteindelijk Bundesliga-club Fortuna Düsseldorf: “So hat man mir die Autoreifen zerstochen, auf der Autobahn löste sich ein Rad – und monatelang hatte ich Lähmungserscheinungen [verlammingsverschijnselen, red.]. Vermutlich von einer Bleivergiftung [bleekvergiftiging, red.], die die Stasi initiiert hatte. Die haben mir wohl etwas in ein Getränk gemischt.” Hoewel Berger in de jaren tachtig dus aan een ‘ongeluk’ ontsnapte, was het doel van de Stasi volgens hem vooral om hem te bewegen terug te keren naar de DDR. De successen van de coach op de West-Duitse televisie waren namelijk een constante belediging aan het adres van de Oost-Duitse regering. Zo werd hij kort na zijn aankomst in West-Duitsland door twee vreemden – medewerkers van de Stasi – op straat staande gehouden, die hem opdroegen naar Zweden te reizen, alwaar zijn moeder zou wachten. Berger trapte echter niet in de val en bleef in de BRD.

Toen de DDR in 1990 ophield te bestaan en opging in de herenigde Duitse republiek, verdween ook de dreiging van de Stasi. De archieven werden opengesteld en Berger kwam erachter dat maar liefst eenentwintig ambtenaren van de veiligheidsdienst hem voortdurend hadden gevolgd, waarvan minstens de helft in West-Duitsland gestationeerd. Saillant is echter het feit dat Berger na de Wende dezelfde hooggeplaatste voetbalfunctionarissen in de nieuwe Duitse voetbalbond tegenkwam, die ten tijde van de DDR ook al aan het roer van de overkoepelende voetbalbond stonden. Dezelfde mensen die hadden bijgedragen aan de enorme druk die op Berger was uitgeoefend toen hij nog in Oost-Duitsland woonde. Dezelfde Wolfgang Riedel die ook mee naar Joegoslavië was in 1979, die Berger had proberen verhinderen te vluchten en die na 1990 gewoon carrière maakte binnen de verenigde Duitse voetbalbond. Daar schrok de trainer van: “als mir so etwas das erste Mal auf einem Empfang passiert ist, musste mich meine Frau zurückhalten. Ironisch genoeg was Berger in West-Duitsland uiteindelijk wel getrouwd.

Ondanks alle tegenslagen presteerde Berger het als een van de weinigen om in beide Duitse staten een succesvolle trainer te zijn. In de BRD zou hij vooral naam maken als motivator, als kapitein die binnen werd gehaald wanneer het schip dreigde te zinken, de coach die vier clubs voor degradatie heeft behoed. Met Schalke presteerde hij het in 1996 zelfs om degradatienood om te buigen in jubel over het behalen van Europees voetbal, zodat Huub Stevens een jaar later de vruchten kon plukken door de UEFA Cup te winnen. Berger schreef in 2009 een boek over zijn leven als coach in de twee verschillende Duitse staten. Voor een deel als therapie, daar hij nooit publiekelijk heeft kunnen praten over zijn beslommeringen. In de DDR niet en toen hij eenmaal naar de BRD was gevlucht ook niet: daarvoor had de Stasi te lange armen. Daarnaast wilde Berger met zijn boek nogmaals benadrukken dat het DDR-regime in veel opzichten een repressieve staat was, hoe zeer Ostalgie de laatste jaren ook het Oost-Duitsland van weleer probeert te romantiseren. De bewogen coach stierf in 2010 aan zijn gevecht met kanker, een ziekte die had gepresteerd wat de Stasi jarenlang niet gelukt was.

Zie het artikel in Die Welt voor mooi fotomateriaal.

Bronnen:

Jörg Berger, Meine zwei Halbzeiten. Ein Leben in Ost und West (Rowohlt Verlag).

http://www.zeit.de/online/2009/13/berger-rezension-buch

http://www.welt.de/sport/fussball/article3322396/Wie-die-Stasi-Joerg-Berger-vergiften-wollte.html

Over Thomas Vries

"Mijn voorliefde voor voetbal en voetbalverhalen komt voort uit een in mijn jeugd ingeslopen gevoel van miskenning. De kleine Thomas – rechtsbuiten van D-1 van VV Beegden – schreeuwt in mijn volwassen zelf over het algemeen hard om aandacht die hij als – laten we eerlijk zijn – matig begenadigd manusje-van-alles nooit kreeg van jeugdtrainer Grad. Daar komt ook mijn onvoorwaardelijke steun aan de underdog vandaan: zie het als een verlate zelfrechtvaardiging. Aldus voel ik me genoodzaakt op een andere manier aan te tonen dat ik heus wel ergens goed in ben wat betreft voetbal: niet zozeer tegen een bal trappen, maar meer het schrijven van het voetbalverhaal. Als door het postmodernisme beïnvloede cultuurhistoricus en stadsgeograaf is het mijn doel om aan De Skybox bij uitstek narratieve bijdragen te leveren. Het gaat mij vooral om het uitwerken van een gekozen thema, een invalshoek, een mooie anekdote of metafoor: onderwerpen als sociale vereniging, de tragiek van het zwarte gat na de voetbalcarrière en het persoonlijke verhaal van een net-niet wereldberoemde voetballer, dát zijn de verhalen die ik graag als ware het een voorleesavondje aan het publiek van deze website wil vertellen. De mogelijkheid tot het uitwerken van een heel kleine metafoor, een vergeten tragiek, tot een kort romanachtig verhaal is waarom ik met veel enthousiasme samen met mijn compagnons dit initiatief heb opgericht."

Reacties

Nog geen reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: