//
Artikel
Artikelen

Het leven in een villawijk in verval

Nee hoor, het is geen bouwval; het lijkt nog steeds wel ergens op. En als je dit huis – geen zorgen, in dit artikel is hypotheekrenteaftrek niet relevant – van dichtbij bekijkt, zijn er nog wel de mooie elementen aanwezig van de groteske villa die in 2003 in uit de grond was gerezen. Maar het feit blijft dat het er de afgelopen tijd steeds spookachtiger uit begint te zien. De muren zijn inmiddels begroeid met mos, terwijl hier en daar zelfs instortingsgevaar lijkt te dreigen. Zeker vergeleken bij andere nieuwbouwwoningen in deze villawijk moet dit pand het onderspit delven. Zo is er iets verderop een extreem duur huis uit de grond gerezen, dat ook nog eens allerminst in de wijk past. Verschillende omwonenden reageerden dan ook schamper op dit staaltje machtsvertoon. Maar we gaan terug naar de met mos begroeide muren van het huis, waar we de rondleiding door de wijk zijn begonnen. Het huis is van Russische makelij en de entree is blauw met wit geverfd.

De huiseigenaar denkt nog wel eens weemoedig terug aan destijds, inmiddels zo’n tien jaar geleden. Toen was hij degene die argwanend door wijkbewoners werd bekeken. ‘Wat moet zo’n man met zo’n dik huis in onze wijk’, leek er gefluisterd te worden. Vooral de naaste buren, die altijd zorgvuldig hun onderkomen onderhielden en van gekke fratsen niets moesten weten, waren woedend geweest. Terwijl zij altijd goed nadachten over wat in de toekomst nodig was – de dakkapel onderhouden, eens in de zoveel tijd even de oprit opnieuw beklinkeren – legden die nieuwe, rare buren er opeens een lelijk, Russisch ding neer. De bewoners van het huis, een stelletje zuinige Fransen die er al een hele tijd woonden, konden er slechts weinig begrip voor opbrengen.

Uiteindelijk werden de nieuwe bewoners echter schoorvoetend toegelaten in de wijk. De Schot, die zichzelf altijd een beetje als de belangrijkste persoon in de buurt zag – hij had dan ook de oudste rechten – begon zijn huis, met Amerikaanse ondersteuning, ook te renoveren. Dat hij daarvoor de bouwvakkers afkneep, deerde hem geenszins. Zodoende had hij feitelijk weinig recht van spreken, over de poenerige Rus. Hij liet zich dan ook niet kennen. Terwijl de Schot en de Rus samen hun huizen fraai lieten versieren, simpelweg om de ander de loef af te steken, kwam de Franse familie er een beetje bekaaid vanaf.

Er hebben inmiddels nog wat verhuizingen plaatsgevonden. Terwijl één vaste bewoner – die de andere inwoners tot vervelends toe bleef melden dat je klaarblijkelijk nooit alleen kunt lopen – kleiner was gaan wonen, was er één oud-bewoner, die lang geleden al ooit in de wijk had gewoond, al een tijd lang bezig om zijn financiering rond te krijgen om uiteindelijk weer terug in de rijkeluisbuurt te keren. Maar intussen – zoals reeds vermeld – is er een nieuw huis bij gekomen dat in aanbouw is en almaar groter en groter wordt.

Was het Russische huis in 2003 al opvallend geweest, dit huis, dat in eerste instantie gebouwd werd door een Oosters uitziende familie, werd niet lang daarna overgenomen door paar mannen uit het Midden-Oosten, die rijkelijk met geld strooiden teneinde de villa van opsmuk en tierelantijntjes te voorzien. Vooral de kortgeleden nieuwgebouwde erker van Italiaanse makelij was de buren een doorn in het oog. Hoe kon je in vredesnaam zo’n lelijk ding bij je huis willen, zo dachten de omwonenden. En eerlijk is eerlijk, het lelijke aangebouwde omhulsel zag er ook gewoon niet uit. In het land van herkomst hadden ze het er ook een beetje mee gehad, maar klaarblijkelijk had deze Sjeik, die bij het uitdelen van smaak bepaald niet vooraan had gestaan, zich niet helemaal goed laten adviseren. En dat terwijl hij recent nog wel vrienden had gemaakt in het land van bunga bunga.

De Rus en de Schot, die de laatste jaren vooral met elkaar bezig geweest waren, zagen het met lede ogen aan. Ze wilden ook renoveren, dat zeker. Ter illustratie, de Schot had niet lang geleden een rossige spouwmuur laten slopen, om die te vervangen door een nieuwe. Echter, toen die nieuwe het gewicht van het huis niet meer kon dragen en er hier en daar gekraak hoorbaar werd, haastte hij zich om de oude muur in ere te herstellen. Hoewel de muur oud is, lijkt hij vooralsnog nog eventjes te prima te kunnen dienen, al is eenieder het er over eens dat dit een tijdelijke – en broze – oplossing is.

De Rus had deze situatie aanschouwd en besloot dat vernieuwing dan wel noodzakelijk was, maar dat de muren, die er al zo lang stonden, niet zo snel gesloopt konden worden. Nieuwigheden, om de villa te versieren, zoals mooie Spaanse dakpannen, voldeden totaal niet, terwijl noodverbanden uit Portugal ook hun langste tijd gehad leken te hebben. Maar de oude fundamenten, die wilde hij voorlopig nog niet slopen – hij overwoog het wel, dat zeker, maar hij durfde vooralsnog niet, bang dat het huis echt zou gaan instorten.

En nu, op een lentedag, leek er opeens iets veranderd. Het Russische huis had iets terug van de glans van 2003. De fundamenten leken nog eenmaal hun glans terug te krijgen, nog één keer wilden ze stralen voor de hele wijk, voor de hele wereld, om daarna waarschijnlijk door de Russische eigenaar voorgoed gesloopt te worden. Eventjes uit die schaduw van het nieuwe, grote en oriëntaalse huis en eventjes los van die Schot van twee deuren verder. Nog eventjes, nog een moment, en dan kwam er een bord in de tuin. Of er dan ‘onbewoonbaar verklaard’ of ‘onder constructie’ op zou komen te staan, dat was nog afwachten. Maar voor nu, kon de Rus zijn benen strekken teneinde neer te vleien op een blauw-wit gestreept kleedje voor de huiselijk knetterende kachel van zijn tochtige woning.

Over Remy Maessen

"Ik herinner het me als de dag van gisteren. Het was zaterdagmiddag rond een uur of twee. Die ochtend had ik – als voorhoedespeler van de D-jeugd van de inmiddels niet meer bestaande voetbalclub KVC – waarschijnlijk weer wat kansen om zeep geholpen en ik zat inmiddels huiswerk te maken. Mijn vader, toenmalig bestuurslid van VVV, vroeg of ik zin had om die avond samen met hem naar ‘De Koel’ – nog steeds Neerlands meest pittoreske voetbalstadion – te gaan voor de wedstrijd tussen VVV en FC Den Bosch. De Venlonaren hielden het Den Bosch van Ruud van Nistelrooij en Anthony Lurling op 1-1 en mijn liefde voor het spelletje was geboren. Inmiddels, 14 seizoensgidsen van Voetbal International verder, ben ik bijna afgestudeerd als parlementair historicus en durf ik te zeggen dat ik van meer antiquarische voetbalfeitjes – van lang vergeten eindtoernooien tot de Nigeriaanse competitie anno 2011 – op de hoogte ben dan menig ander liefhebber. Deze feitjes zal ik – evenals mijn ervaring als hoofredacteur van diverse tijdschriften – gaan aanwenden om dit initiatief tot een succes te maken. Kleine momentjes en kenschetsen van vergeelde voetbalbladzijden vormen mijn specialisatie – bedoeld om bij elke lezer een ‘aha-erlebnis’ op te wekken."

Reacties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: