//
Artikel
Artikelen

Een vreemde eend in de bijt. Willi Lippens: het treurige verhaal van een vrolijke speler

De ‘Ente’ trippelde deze keer niet van opgewondenheid en goed humeur weg, zoals hij bekend stond op het voetbalveld te doen, maar waggelde eenzaam van een nu uitdrukkelijk bevestigde teleurstelling terug naar het land dat hem beoordeelde op zijn daden en niet zijn afkomst. Blijkbaar leefde de oorlog 26 jaar na dato nog op het Nederlandse voetbalveld voort, want de zelfingenomen vedettes uit de met littekens bezaaide havenstad moesten niets van hem hebben: van die Duitser. Een blinde kon zien dat de in een Nederlands-Duits nest geboren ‘eend’ een geniale buitenspeler was die zijn plaats meer dan verdiende op het toneel van het internationale voetbal. Willi Lippens was weggepest uit het succeselftal van Oranje tijdens die ene interland in 1971.

In zijn thuisstad Essen raakte men evenwel niet uitgesproken over de geniale creatieveling met de kenmerkende loop. Bij het lokale Rot-Weiss groeide Willi ‘die Ente’ Lippens uit tot de meest succesvolle speler van de club ooit en kreeg hij de waardering van de trouwe fans die hem toekwam. In zijn vaderland Nederland werd de begenadigd voetballer echter nimmer met open armen ontvangen. Dit is het trieste verhaal van een vrolijke ‘Ente’ die steevast tussen wal en schip viel.

Donald Duck uit Duitsland

De erfenis van de oorlog loopt als een rode draad dwars door de carrière van de creatieve linksbuiten, die opgroeide in het Duitse Kleef. Daar was hij de vrucht van het huwelijk tussen een Nederlandse vader en een Duitse moeder. De jonge Willi ging voetballen bij het lokale VFB Kleef en maakte in 1965 op zijn negentiende de overstap naar Rot-Weiss Essen, een club die op dat moment uitkwam in de tweede Bundesliga. In het debuutseizoen promoveerde de club naar de Bundesliga en te midden van alle topspelers die in deze gerenommeerde competitie hun brood verdienden viel de technisch en creatief begaafde Duitssprekende Nederlander op als veelscorend fenomeen op de linkerflank. Bij onze oosterburen bouwde Lippens naast een gevreesde reputatie bij zijn collega’s – die later in 1974 wereldkampioen werden – ook een imposant doelpunten- en wedstrijdgemiddelde op. Met 242 Bundesliga-wedstrijden waarin hij 92 keer scoorde is Lippens nog steeds de meest succesvolle speler van het nu in de Regionalliga spelende Rot-Weiss Essen.

Een speler ook die vooral vol plezier speelde, frivool en niet te beroerd was voor een kwinkslag op het professionele voetbalveld. Zo kreeg hij na het omduwen van zijn tegenstander na herhaaldelijk te zijn aangetikt door zijn wanhopige mandekker een waarschuwing van de scheidsrechter met de woorden: ‘Herr Lippens, ich verwarne Ihnen’. Waarop Herr Lippens replieerde: ‘Ich danke Sie!’ De scheidsrechter wist de woordgrap van de Nederlander niet te waarderen en gaf de Duits taalvaardige linksbuiten rood. De tegenstanders van Lippens hadden wel vaker het gevoel tot wanhoop te worden gedreven door de getructe buitenspeler, die in Duitsland tijdenlang bekend stond als de beste linksbuiten van Europa. ‘Die Ente’ maakte er een gewoonte van spelers voorbij te spelen, om vervolgens op ze te wachten, om ze nogmaals in het stof te laten bijten. Een andere geliefde actie van de waggelende spelers was het aannemen van de bal met zijn achterste. Of Lippens heden ten dage door de medische keuring zou komen valt te betwijfelen: ‘Lippens hat Senk-, Spreiz- und Plattfüße. Darunter krumme O-Beine’, merkte een contemporaine journalist op.

De biografie van de speler bevat een eindeloze stroom anekdotes die de moeite waard zijn en het verhaal vertellen van een begenadigd prof die met gelatenheid en vreugde speelde, en met humor. Zo stelde hij volgens een hardnekkig gerucht aan keeper Sepp Maier van Bayern voor dat het voor de supporters wel leuk zou zijn als de doelman bij een uittrap de bal aan Lippens zou toespelen. Lippens beloofde het leer dan terug te spelen op de keeper, die echter niet in de val van de ‘Eend’ trapte en het aanbod wijselijk afwees. Of, de keer dat absolute Duitse vedette Günther Netzer op de linksbuiten afstapte en opperde dat een gelijkspel in de confrontatie Borussia Mönchengladbach – RW Essen niet ongunstig was: daarmee zou de eerstgenoemde club immers kampioen worden en de laatstgenoemde niet degraderen. Lippens was het met de ‘badboy’ van Gladbach eens en beaamde diens stelling. De wedstrijd eindigde evenwel in 0-1 voor RW Essen, en ‘die Ente’ was de enige wiens naam op het scoreformulier stond. Toen Netzer verhaal kwam halen bij Willi en zei dat dat toch niet nodig was geweest, verdedigde de linksbuiten die met de achterkant van zijn hoofd had gescoord zichzelf als volgt: ‘Günter, was soll ich machen. Der Kleff [doelman van Gladbach, red.] muss doch eine solche Bogenlampe halten!’

Ondanks alle ongein op het veld was Lippens een aimabel en vriendelijk man, die ook na zijn carrière nog oprecht spijt had van zijn onbedoelde boven beschreven doelpunt. Het kenmerkt de eerlijke man, die graag het publiek vermaakte en weinig kwaad in de zin had. Achter de vrolijk waggelende ‘Ente’ ging echter een treurig levensverhaal schuil; een achtergrond die alles te maken had met de Oorlog en zijn gemengde afkomst.

Willy "Die Ente" Lippens was een begenadigd voetballer, maar kreeg internationaal nooit zijn kans. Foto: Wikimedia Commons

Willy “Die Ente” Lippens was een begenadigd voetballer, maar kreeg internationaal nooit zijn kans. Foto: Wikimedia Commons

Een Nederlander die niet Duits is; een Duitser die niet Nederlands is

Vanwege zijn faam als goalgetter en technisch wonder wilde de Duitse bondscoach Helmut Schön  Lippens dolgraag oproepen voor het nationale elftal. In de tijd dat Rita Verdonk nog een klein kind was, betekende het feit dat de linksbuiten geen Duitse nationaliteit had geen onoverkomelijk probleem. Die kon geregeld worden. Het feit dat ‘die Ente’ geen enkele wedstrijd voor ‘die Mannschaft’ op zijn palmares heeft kunnen bijschrijven had echter een andere oorzaak. Als klein kind was Willi opgevoed met de gedachte dat hij op voetbalgebied altijd tegen het Duitse elftal diende te zijn. Vader Lippens was in de oorlog zwaar mishandeld door de nazi’s en weerhield zijn zoon van het spelen voor het Duitse elftal. Willi zei daar later over: ‘Er hat mir gesagt, dann bräuchte ich nicht mehr nach Hause kommen‘.

Maar een speler van zijn kaliber verdiende ook op het internationale podium te schitteren en dus ging Lippens in op de uitnodiging voor Oranje onder leiding van bondscoach Frantisek Fadrhonc. En zo stond de met een Duits accent Nederlands sprekende buitenspeler in 1971 naast Johan Cruijff en voor Rinus Israel, Willem van Hanegem en al die andere vedetten op het veld voor de oefeninterland tegen Luxemburg. Hoewel Lippens de score opende in de met 6-0 gewonnen wedstrijd werd hij naar eigen zeggen compleet genegeerd door zijn medespelers:  ‘Ich bin rauf und runtergerannt, aber die anderen ignorierten mich‘. Lippens vermoedde zelf dat de Ajax-spelers de linksbuitenpositie gereserveerd hadden voor Piet Keizer, die in de betreffende wedstrijd er niet bij was. Steun uit Rotterdam kon de Duitse Nederlander al helemaal niet verwachten. Van Hanegem noemde de speler vanwege zijn bijnaam kleinerend Donald Duck. De sfeer was echter al in de bus naar de wedstrijd toe tot een dieptepunt gedaald, omdat de andere Rotterdamse vedette Israel de door het vehikel schallende Duitse schlagermuziek laakte door te roepen: ‘Kan die rot nazi-zender niet uit!’.

Zo bleef de Nederlander die wellicht net zo goed was als Cruijf en Van Hanegem steken op één interland. De geniale linksbuiten heeft nog steeds spijt van zijn besluit voor Nederland te voetballen en de wrok over de pesterijen zit diep bij de speler die naar eigen zeggen ‘in Deutschland kein richtiger Deutscher und in Holland kein richtiger Holländer’ was, zo blijkt uit de onlangs opgenomen documentaire van Andere Tijden Sport. Na die ene interland is Lippens nog een keer opgeroepen voor het nationale elftal, maar toen moest hij wegens blessureleed afzeggen. Opvolger van Fadrhonc,  Rinus Michels gaf de voorkeur aan de Ajax-linksbuitens Keizer en Rensebrink. Wellicht had Lippens wel op het WK van 1974 gespeeld als zijn transfer naar Ajax in 1970 doorgang had gevonden.

De spijt valt volgens Lippens echter ook het Nederlandse voetbal toe: ‘De Duitsers waren blij dat ik er in de finale [van 1974, red.] niet bij was. In de Bundesliga had ik een goede naam opgebouwd en zij waren bang voor mijn acties en doelgerichtheid. Als ik in de finale had meegespeeld hadden zij goed moeten nadenken wie er op mij gezet moest worden. Tegen Berti Vogts speelde ik altijd goed, die had voor de wedstrijd al buikpijn als hij tegen mij moest spelen. Ha,ha,ha… Tijdens die finale waren er in de tweede helft ook zeker kansen gekomen voor mij. Ik denk dat Nederland met mij wereldkampioen was geworden’. Waarheid of gekoesterde wrok,  Lippens heeft niet kunnen genieten van een gedroomde wereldtitel met Nederland, noch met de werkelijke van Duitsland: daarvoor was hij te zeer een vreemde eend in de bijt. In plaats van de enige wereldkampioen in Duitsland, werd Lippens in de zomer van 1974 de enige Duitser die het niet was. En dat heeft de wellicht beste linksbuiten die Nederland heeft gehad niet verdiend.

Over Thomas Vries

"Mijn voorliefde voor voetbal en voetbalverhalen komt voort uit een in mijn jeugd ingeslopen gevoel van miskenning. De kleine Thomas – rechtsbuiten van D-1 van VV Beegden – schreeuwt in mijn volwassen zelf over het algemeen hard om aandacht die hij als – laten we eerlijk zijn – matig begenadigd manusje-van-alles nooit kreeg van jeugdtrainer Grad. Daar komt ook mijn onvoorwaardelijke steun aan de underdog vandaan: zie het als een verlate zelfrechtvaardiging. Aldus voel ik me genoodzaakt op een andere manier aan te tonen dat ik heus wel ergens goed in ben wat betreft voetbal: niet zozeer tegen een bal trappen, maar meer het schrijven van het voetbalverhaal. Als door het postmodernisme beïnvloede cultuurhistoricus en stadsgeograaf is het mijn doel om aan De Skybox bij uitstek narratieve bijdragen te leveren. Het gaat mij vooral om het uitwerken van een gekozen thema, een invalshoek, een mooie anekdote of metafoor: onderwerpen als sociale vereniging, de tragiek van het zwarte gat na de voetbalcarrière en het persoonlijke verhaal van een net-niet wereldberoemde voetballer, dát zijn de verhalen die ik graag als ware het een voorleesavondje aan het publiek van deze website wil vertellen. De mogelijkheid tot het uitwerken van een heel kleine metafoor, een vergeten tragiek, tot een kort romanachtig verhaal is waarom ik met veel enthousiasme samen met mijn compagnons dit initiatief heb opgericht."

Reacties

Trackbacks/Pingbacks

  1. Pingback: Harry Walstra – De aartsrivalen | Niets is geheel waar, en zelfs dat niet. - 1 september 2013

%d bloggers liken dit: