//
Artikel
De Vergeten Voetballer

De melancholie van een missionaris. Christian Gyan, cultheld uit De Kuip.

Zomaar een dag in de Rotterdamse haven. Terwijl de zon opkomt boven het klotsende water wordt de horizon gekleurd door de contouren van de hijskranen. Het zilte van versgevangen vis en de penetrante geur van scheepsdiesel vullen de atmosfeer. In de verte zijn mannen in overalls bezig dozen met ingevroren visfilets te sjouwen op houten pallets. Hier geldt het recht van de sterkste. Tussen al het testosteron valt één man in het bijzonder op. Nog geen 1,65 meter lang en diep verborgen in een vaalblauwe parka schuifelt de man in kwestie door de gigantische loodsen. Niet iemand die op het eerste oog een UEFA Cup-finale op zijn CV heeft staan. Het is het vergankelijke lot van Christian Gyan, voormalig cultheld uit de Rotterdamse Kuip.

Christian Gyan roept hulp van boven in tijdens de UEFA Cup Finale. Foto afkomstig van: http://www.feyenoordleven.nl

Tranen van rouw en vreugde   
We schrijven 8 mei 2002. Rotterdam is in rouw. Twee dagen eerder was het een linkse activist die de hoop van miljoenen mensen aan gruzelementen schoot op het mediapark in Hilversum. Het is een vreemde gewaarwording. Terwijl een bloemenzee van rouw de Coolsingel bedekt lopen de Feyenoord-supporters uit. Op het programma staat de prestigieuze finale van het UEFA Cup-toernooi, waarin Feyenoord sinds jaar en dag acte de présence mag geven. Tegenstander is Borussia Dortmund, dat met sterspelers Jan Koller en Thomas Rosicky de havenstad verder in mineur wil drukken. Feyenoord, dat eerder dat seizoen PSV in de kwartfinale van het toernooi na een thriller terug naar Eindhoven stuurde, wist wonder boven wonder het grote Internazionale FC te verslaan, waardoor de vooraf bepaalde finale in De Kuip plots een thuiswedstrijd werd. Op het wedstrijdformulier van de Rotterdammers prijkt één opvallende naam. Het is de Ghanees Christian Gyan die de geschorste Australiër Brett Emerton mag vervangen op de rechterflank van de Rotterdamse achterhoede. De beelden van een biddende Gyan voor de wedstrijd gaan de wereld over: aan hemelse hulp kan het niet ontbreken vanavond. Tussen de rode fakkelrook spreidt de Ghanees zijn armen en sluit hij zich voor even af van het geroezemoes om hem heen. Aan het einde van de wedstrijd barsten stoere Rotterdamse fans spontaan in huilen uit: hún Feyenoord heeft het onmogelijke gepresteerd. Tot aan vandaag de dag is de ‘club van zuid’ de laatste Nederlandse ploeg die een Europese prijs aan het clubmuseum heeft mogen toevoegen.

Christian Gyan speelt op die beladen woensdagavond in mei de wedstrijd van zijn leven. Prompt wint hij kopduels van de bijna een halve meter langere Tsjech Jan Koller. “Het was alsof de Heer mij vleugels gaf” weet hij later te verklaren. Hoewel Pierre van Hooijdonk zich ontpopte tot held van de avond, weet ook Gyan de kranten te halen met zijn energieke spel. Het mocht een unicum heten in de carrière van de kleine Ghanees. Zo hield hij vaker de bank warm dan dat hij speelde en zal hij geenszins het predicaat ‘grootse voetballer’ mogen dragen. In een tijd waarin wisselspelers de Balkenende-norm ruimschoots overschrijden en desalniettemin spreken van ‘een gebrek aan respect’ bij een plaats op de bank mag de Ghanese verdediger een uitzondering heten. Bijna tien jaar lang verdedigt hij de Rotterdamse clubkleuren met als numeriek hoogtepunt de 16 duels in het seizoen 2001/2002. Gyan wordt binnengehaald als één van de eerste Afrikaanse aankopen van de Rotterdammers, toen hij in 1996 de overstap maakte van het Ghanese Ghapoha Readers naar het zuiden van de havenstad. De transfer vindt plaats nog voordat Feyenoord in 1998 de zogeheten Feyenoord Fetteh Football Academy opzet net buiten de hoofdstad Accra. Niet dat de voetbalschool veel profijt oplevert: de inmiddels weer vergeten Mohamed Abubakari en de bij Utrecht spelende Nana Asare mogen de enige treurige opbrengsten heten van het initiatief dat vooral als liefdadigheidsproject de geschiedenisboeken is ingegaan.

Christian Gyan (met tulband) in duel met Rafael van der Vaart in de ArenA. Foto afkomstig van: http://www.ad.nl

Het verhaal van een tulband    
In tegenstelling tot Abubakari, die ergens verloren is gegaan in de grote lijst der Rotterdamse miskopen, weet Gyan wel degelijk de Rotterdamse fans te roeren. Nooit verwordt de Ghanees tot vaste basiskracht, maar de olijke back loopt nimmer chagrijnig over de trainingsvelden. Of het nu Leo Beenhakker, Bert van Marwijk of zelfs Ruud Gullit betreft, telkens kunnen de trainers een beroep doen op de trouwe verdediger. Wie herinnert zich niet de beelden van de met tulband getooide Gyan, die vol overgave kopduels aangaat in de Amsterdam ArenA in de kraker tegen Ajax? Het zijn beelden die in al hun knulligheid vooral empathie en bewondering voor ’s mans inzet oproepen. Vragen aan Rotterdamse fans of Gyan populairder is dan bijvoorbeeld het flegmatieke voetbaltalent Luigi Bruins, betekent in dit geval vooral vragen naar de bekende weg.

Echter, na negen jaar trouwe dienst begint het verval in de loopbaan van de Ghanees: zijn carrière krijgt in 2006 een treurig uitgeleide in het Woudestein van Excelsior, waar supporters hun eigen stemmen in het stadion horen echoën en de zacht flikkerende stadionverlichting doet realiseren dat men zich in de Eerste Divisie bevindt. Ook al voetbalt Excelsior in het betreffende seizoen nog op het hoogste niveau: de ambiance verraadt vooral de voetbaltreurnis die zo kenmerkend is voor de vrijdagavondwedstrijden. Na roemloze avonturen bij het Finse TPS Turku en RoPS Rovaniemi en Wrexham uit Wales duikt Gyan in 2010 ineens op bij de Rotterdamse amateurs van Leonidas, waar tegenwoordig ook oud-Ajax talent Brutil Hosé – ooit de opvolger van Patrick Kluivert genoemd – en oud-prof Fernando Derveld onder contract staan. Kortom, de carrière van Gyan is diep in het slop geraakt.

Het lot van de goedheid            
Eenzelfde lot blijkt de maatschappelijke carrière van de Ghanees beschoren. Terwijl menig oud-voetballer financieel onafhankelijk uit kan buiken na een voetballoopbaan, bouwt Gyan jaar na jaar schulden op. Gyan is terughoudend in het benoemen van oorzaken. Zoals bij zoveel Afrikaanse voetballers in West-Europa komen vele mensen op de veronderstelde rijkdom van de speler af. Het huis van Gyan en zijn gezin in Rotterdam groeit tijdens zijn Feyenoord-jaren uit tot een herberg, waar de ene na de andere gast uit Ghana aanklopt. “Ik ben slachtoffer van mijn eigen goedheid”, weet de verdediger enige jaren later te noteren. De goedgelovige Gyan ziet het niet en biedt liefde, onderdak, eten en geld. Vooral geld. In die betreffende jaren duikt het banksaldo van de verdediger dieper en dieper in het rood. Op een gegeven moment zoekt de aan de grond zittende Ghanees een uitweg in de Rotterdamse haven.”Waarom zou dit geen werk voor mij zijn? Niemand is te groot voor de haven. Waarom zou ik dat wel zijn? Omdat ik profvoetballer was? Wat is dat dan, profvoetballer zijn? Dat is ook maar gewoon een baan” weet Gyan later te verklaren in een interview aan Feyenoord Magazine. Het tekent de mentaliteit van een voetballer die meer was dan slechts een matige verdediger. Slachtoffer van zijn eigen goedheid, maar niet te beroerd om het te aanvaarden. Want als op zondagmiddag om half drie de fluit klinkt in De Kuip, slaat in elk geval één supporter ongetwijfeld een kruisje. Diep verborgen tussen de loodsen in de Rotterdamse haven. Tel met die gedachte uw zegeningen.

Bronnen:

Over Boudewijn Wijnacker

"Voetbal is voor mij meer dan datgene dat zich binnen de lijnen afspeelt. Als cultuurhistoricus en stadsgeograaf ben ik van mening dat het bestaan van een BVO kan bijdragen aan de identiteit, historie en het karakter van een dorp, stad of regio. Vooral het mannelijke deel van een stedelijke populatie kent vaak een sterke affiniteit met een plaatselijke voetbalvereniging. Het is deze invloed van een voetbalvereniging op de samenleving die voor mij de drijfveer vormt voor het oprichten van De Skybox met mijn zeer gewaardeerde collega’s. Mijns inziens blijft dit spanningsveld tussen maatschappij en voetbal onderbelicht in overige voetbaltijdschriften en websites: voor zakelijke verslagen van gespeelde wedstrijden verwijs ik je dan ook graag door naar andere webpagina’s. Daar waar mijn collega’s meer thuis zijn in de internationale naam en faam van het voetbal, duik ik graag in de spelonken van het Nederlandse betaalde voetbal, met name de Eerste Divisie. Voetbal staat hier dicht bij de mensen, getuige de van een gratis seizoenskaart voorziene fans van Helmond Sport, die vanaf hun tuinstoelen op het dak van het schuurtje in de eigen tuin het vaak matige voetbal gade kunnen slaan. De lezer kan van mij licht cynische beschouwingen van opmerkelijke gebeurtenissen verwachten, die zich zowel binnen als buiten de lijnen afspelen. Bovendien zal ik me focussen op nostalgisch getinte artikelen, analyses van de cultuurhistorische waarde van door de tand des tijds aangetaste voetbalstadions en odes aan vergeten voetballers."

Reacties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: