//
Artikel
Artikelen

De erfenis van Alex. PSV-management gaat slordig om met defensieve Exodus. Deel 2

Zoals beloofd vandaag deel 2 over het verval van de PSV-defensie. We starten in 2007.

Het einde van Lemic, Valckx en De Visser en de machtsgreep van Reker

In 2007 werd het echte verval zichtbaar. Het was in de succesjaren amper opgevallen dat het team veel te afhankelijk was geweest van Cocu en Alex. Toen beide spelers – en overigens ook Manuel da Costa, die toch niet zo’n groot talent bleek als verwacht –  vertrokken, kwam dan ook pijnlijk aan het licht dat het afgelopen was met die defensieve zekerheid. De vervangers, Mike Zonneveld, Slobodan Rajkovic en de eindelijk speelgerechtigde Braziliaan Fágner, voldeden stuk voor stuk niet en Koeman trok al gauw zijn consequenties en sprong – inderdaad – op de trein naar Valencia. Daarna begon de ellende pas echt. Koeman leefde al sinds de Hitchcock-ontknoping van het voorgaande seizoen in onmin met voorzitter Schuitema, die vastberaden was orde op zaken te stellen binnen de organisatie van de club, die onder leiding van het duo Van Raaij en Hiddink dan wel de halve finale van de Champions League had gehaald, maar ook een miljoenenverlies had geleden en een aantal louche figuren in Eindhoven had gebracht. Waar voorganger Rob Westerhof het lef miste om PSV van hen te ontdoen, pakte Schuitema, zoals dat zo mooi heet, door.

Daarvoor stelde de voorzitter allereerst  directeur Jan Reker aan, die zich dat geen twee keer liet zeggen. Alle contacten met Chelsea moesten worden verbroken, zodat de invloedrijke makelaar die betrokken was geweest bij de transfers van Gomes en Alex, maar ook bijvoorbeeld Kezman, Vlado Lemic, een Serviër met een op zijn minst louche te noemen reputatie, van de Herdgang moest worden verwijderd. De bij het Lemic-netwerk horende scouts Piet de Visser en Stan Valckx werden door de als een olifant door de porseleinkast acterende Reker niet gespaard. De hyperambitieuze club die zich rondom Lemic had gevormd en droomde van een PSV-aanval met Tevéz en Robinho, werd door Reker bij het grof vuil gezet.

Met het vertrek van Koeman was PSV stuurloos geworden en dat was voor Reker de reden om alle macht naar zich toe te trekken. Zodoende werd zijn persoonlijke vriend Sef Vergoossen bereid gevonden om het seizoen af te maken. Dat deed de Limburger met verve. Hoewel met defensief afbraakvoetbal, waarin Dirk Marcellis uit de eigen jeugd debuteerde, werd de club wederom kampioen. Voor vedette Gomes was dat geen reden om zijn onrust binnenshuis te houden; kort na het kampioenschap meldde de doelman in Voetbal International: Reker eruit, of ik eruit. Gomes, die zichzelf in het kamp Valckx, De Visser, Lemic schaarde, wilde weg, zoveel was duidelijk. Tottenham Hotspur bevrijdde die zomer de twee kemphanen van elkaar en PSV was haar laatste erfgenaam van het oude tijdperk kwijt.

Ook Rodriguez was, ondanks zijn imponerende bijnaam, geen echte voltreffer. Bron: www. vanguardia.com

Zo, moet Reker in de zomer van 2008 hebben gedacht, we maken schoon schip en we halen daarvoor de ideale coach: Huub Stevens. Die zag zijn droom in vervulling gaan hoofdcoach van PSV te worden. Het werd geen gelukkig huwelijk. En er werd die zomer nog wel een bijna geheel nieuwe defensie neergezet. De doelman van het Zweedse Elftal Andreas Isaksson moest de leegte die Gomes achterliet opvullen. Met de komst van talent Erik Pieters werd de concurrentie het nakijken gelaten en Francisco Javier Rodriguez, bijgenaamd ‘Maza’ (de Moker, red.) zou het centrale duo moeten vormen met de nieuwe Franse routinier Jérémie Brechet. Dat De Visser de transfer van Maza eerder had tegengehouden – het ‘kamp-Lemic’ had op eigen houtje contact met Luisao van Benfica opgenomen – moet voor de nieuwe directie een reden te meer zijn geweest om de Mexicaan te verleiden tot een avontuur in Eindhoven, waar zijn landgenoot Carlos Salcido tegen wil en dank al een paar jaar speelde. Sinds zijn eerste jaar was het immers bergafwaarts gegaan met de carrière van Salcido. Gemopper over transfers en zijn positie brachten de Mexicaan meer in het nieuws dan zijn verdedigende prestaties. Van de defensie bleef alleen de rechtsachterplek het domein van dezelfde twee personen als het voorgaande jaar: Jan Kromkamp en Dirk Marcellis. Dat Alcides – die meer indruk maakte met indrukwekkende auto’s dan met indrukwekkende rushes – en Rajkovic terugkeerden naar hun werkgever Chelsea, zal na de machtsovername van het kamp-Reker geen verrassing meer zijn. Huub Stevens kreeg de selectie niet onder controle en hetzelfde gold voor assistent Dwight Lodeweges, die het roer overnam nadat de wegen van Stevens en PSV teleurstellend scheidden. Voor het eerst in al die seizoenen ging de kampioensschaal niet naar Eindhoven, maar ging het Alkmaarse AZ ermee aan de haal. De terugval van PSV begon zich ook in de resultaten af te tekenen.

Fred Rutten, terug naar Hiddinks succesjaren

In de periode van Rekers machtsovername had de Eindhovense club een nieuwe structuur gekregen. De voorzitter zou in het vervolg meer op de achtergrond blijven en de belangrijke rol met het hamertje, die eerder Van Raaij, Westerhof en Schuitema hadden gehad, kreeg vanaf dat moment de algemeen directeur. En wie die positie ging bekleden is waarschijnlijk geen verrassing: Jan Reker. Reker toverde in de zomer van 2009 een nieuw konijn uit de hoge hoed: oud-assistent van Hiddink Fred Rutten werd onder druk van de ontevreden aanhang gecontracteerd. De hoop op een nieuwe succesperiode onder leiding van de Hiddink-vertrouweling werd op de Tukker gevestigd, die net ontslagen was bij Schalke 04. Dat het draagvlak voor Reker daarmee afnam en zijn invloed veel minder groot was dan een seizoen geleden, viel te zien aan de gedaanteverwisseling die de Eindhovense defensie deze transferzomer kreeg. Van Brechet en Zonneveld werd afscheid genomen en ook middenvelder Mendez hoefde niet meer terug te komen in de lichtstad. Jeugdexponent Olivier ter Horst werd eveneens uitgezwaaid. Voor hun vervangers handelde Rutten snel: door het afkalvende gezag van Reker was PSV in een soort machtsvacuüm gekomen, waarin Rutten handig manoeuvreerde. Zodoende contracteerde hij vrijwel op eigen houtje de Bulgaar Stanislav Manolev en de Serviër Jagos Vukovic. De Eindhovense supporter dacht met weemoed terug aan de periode waarin talentvolle verdedigers bij PSV tot ontbolstering kwamen, om daarna met winst door verkocht te worden. Misschien waren Manolev en Vukovic wel zulke spelers? De terugkeer van de ervaren André Ooijer zou de rest moeten doen. Dat ene Adrie van Kraaij in deze periode de functie van technisch directeur bekleedde, zal velen zijn ontgaan.

De eerste episode uit het Rutten-tijdperk zorgde echter wederom niet voor een denderend seizoen. Vukovic bleek bij lange na niet goed genoeg, Manolev liet defensief nog wat steekjes vallen en Ooijer bleek veel trager dan de Ooijer van weleer. Bovendien wist het dynamische duo Salcido-Maza wederom niet te overtuigen en kende Marcellis de vormdip waarmee elk talent te kampen krijgt. Slechts Erik Pieters wist zich, na een moeizaam jaar aanpassen, aan de defensieve malaise te onttrekken. Het was niet genoeg om de titel te behalen. Nadat AZ een seizoen eerder met de schaal aan de haal was gegaan, was nu de beurt aan FC Twente. De manschappen van McClaren, leunend op een sterke defensie en een goede fysiek, deden denken aan het PSV van weleer.

Gedurende het seizoen werd Reker aan de kant geschoven, maar de alleenheerschappij van Rutten was volgens betrokkenen ook niet de bedoeling: het model-Hiddink, daar wilde de club helemaal niet meer naartoe. Zodoende werd Marcel Brands in de zomer van 2010 aangesteld als technisch manager en Tiny Sanders algemeen directeur. Rutten en Brands zagen in de Canadese controleur Atiba Hutchinson de opvolger van de vertrokken Timmy Simons en zij lieten jeugdproduct Dirk Marcellis naar AZ vertrekken om Jeremain Lens te contracteren – er werd zelfs nog geld bijbetaald. Bovendien werd in Krakau eindelijk de nieuwe Alex gevonden: Marcelo was sterk en snel en zou de nieuwe PSV-defensie moeten gaan leiden. Dat was nodig ook, want, na transferzomers klagen, verliet Salcido eindelijk Eindhoven. De mislukking van het experiment-Ooijer – hij verliet Eindhoven voor rivaal Ajax – weerhield de clubleiding er niet van ditmaal Wilfred Bouma terug te halen uit het Premiership. Na anderhalf seizoen geblesseerd te zijn geweest, keek de Helmonder ernaar uit eindelijk weer acte de présence te geven op een voetbalveld. Hoewel PSV het seizoen uitstekend begon – getuige onder andere de 10-0 overwinning op Feyenoord – was het niet bij machte de titelstrijd in haar voordeel te beslechten. Wederom moest de titel worden gelaten aan een concurrent – ditmaal Ajax – en bleef PSV als derde achter, ver verwijderd van het team dat het ooit was geweest. Ter illustratie: PSV scoorde wel meer dan kampioen Ajax, maar kreeg er ook een hoop meer tegen.

De aanval is de beste verdediging?

Marcelo maakte de hooggespannen verwachtingen evenmin waar.

Deze wetenschap weerhield het technisch hart Rutten en Brands – van wie laatstgenoemde door het uitblijven van resultaten van de eerstgenoemde brutaal de leiding nam – er toch van de verdediging te versterken. In plaats daarvan werden louter dartele aanvallers en middenvelders gecontracteerd. Controleur Strootman was blijkbaar de oplossing voor de defensieve malheur, want voor de defensie werd alleen jongeling Jetro Willems gecontracteerd. Het bleek dit seizoen fataal. Het vertrek van Vukocic en Maza deed zich niet zo hard voelen, maar het duo Marcelo-Bouma bleek belabberd. Ook de last-minute ingevlogen Belgische Hagenees Timothy Derijck is geen speler van wie wonderen verwacht mogen worden. Dat Isaksson geen Gomes bleek te zijn, viel de beleidsmakers evenwel ook op, maar ook zijn potentiële vervanger Przemyslav Tyton geniet nog immer niet het onvoorwaardelijke vertrouwen van de technische staf. Levenservaring lijkt van Manolev geen meer solide back te maken en de defensieve malaise waarin inmiddels ook Pieters deelt, maakt zijn slepende blessure uit de eerste seizoenshelft tot een slap excuus. PSV heeft niets achter de hand, deze jongens moeten het doen. Wie Wilfred Bouma zag struikelen toen een 35-jarige Antony Lurling een versnelling inzette bij het onlangs verloren duel tegen NAC Breda, weet genoeg: zelfkennis is de immer van zichzelf overtuigde Brabander vreemd. Ook kompaan Marcelo doet geen eer aan de term ‘rots in de branding’ met zijn wekelijkse flegmatieke optredens. Bovendien worden de achterhoedespelers  slechts weinig geholpen door de rest van het team. Waar PSV onder Hiddink nog Vogel, Van Bommel en Cocu op het middenveld opstelde, moet jongeling Kevin Strootman nu de drie spelers in één zijn, omdat Toivonen en Wijnaldum veel meer als aanvallers spelen. Om nog maar te zwijgen over de vleugelspelers Labyad en Mertens, die van het woord meeverdedigen nog nooit hebben gehoord. De hooggespannen verwachtingen voorafgaand aan het seizoen worden vooral door het gigantische aantal tegendoelpunten maar niet nagekomen.

Voordat Sanders de woorden ‘frisse wind’ in zijn woord had genomen, had hij moeten beseffen dat die frisse wind op technisch gebied op de Herdgang de laatste jaren lijkt te zijn aangewakkerd tot een storm. De defensie van 2004/2005 was het resultaat van een gedegen scoutingsnetwerk en korte lijntjes in de organisatie. Schuitema maakte de organisatie weer gezond(er), maar tijdens zijn bewindsperiode, en die van Reker, werd de continuïteit niet bewaakt doordat op geen enkele manier werd ingespeeld op het vertrek van al die sterkhouders van weleer. De machtsstrijd over Luisao en Maza, de adhoc-aankopen van Manolev, Vukovic en later Derijck en de mislukte gokjes die werden genomen met oudgedienden Ooijer en Bouma: ze tonen aan dat het technisch besef bij PSV de afgelopen jaren verdwenen is geweest. Veelal wilden beleidsmakers snel scoren met leuke aanvallers, om hun naam daaraan te verbinden. De verdediging werd zodoende de achilleshiel. Rutten is daar medeverantwoordelijk voor, absoluut. Maar het verval van PSV zit veel dieper. Een goede organisatie binnen de club, een langetermijnproject dat wordt bewaakt door een lang zittend directie- (Toon Gerbrands bij AZ) of bestuurslid (Joop Munsterman bij Twente) is van onmetelijk belang gebleken. De vele machtsovernames en ‘frisse winden’ hebben de Eindhovense club geen goed gedaan, zoveel is duidelijk. Daar zal het ontslag van Rutten weinig aan veranderen; het is slechts weer een toonbeeld van het wispelturige PSV-beleid.

Transfers van PSV onderverdeeld in:
– Voltreffer: brengt succes voor PSV met zich mee en is met grote winst doorverkoopbaar.
– Ruim Voldoende: is een stabiele factor voor de PSV defensie.
– Voldoende: maakt geen negatieve, maar ook zeker geen  echt positieve indruk.
– Onvoldoende: Elke euro die aan deze speler is gespendeerd, is er een teveel.

Eindhovense defensieve versterkingen sinds de transferzomer 2005
Bram Castro
Jetro Willems
Khalid Sinouh
Przemyslaw Tyton
Timothy Derijck
Alcides Onvoldoende
André Ooijer Onvoldoende
Cássio Ramos Onvoldoende
Fágner Onvoldoende
Jagos Vukovic Onvoldoende
Jan Kromkamp Onvoldoende
Manuel da Costa Onvoldoende
Marcelo Onvoldoende
Michael Ball Onvoldoende
Michael Reiziger Onvoldoende
Mike Zonneveld Onvoldoende
Osmar Ferreyra Onvoldoende
Slobodan Rajkovic Onvoldoende
Steve Olfers Onvoldoende
Sun Xiang Onvoldoende
Wilfred Bouma Onvoldoende
Andreas Isaksson Voldoende
Bas Roorda Voldoende
Francisco Javier Rodriguez Voldoende
Jérémie Brechet Voldoende
Stanislav Manolev Voldoende
Carlos Salcido Ruim Voldoende
Erik Pieters Ruim Voldoende

Over Remy Maessen

"Ik herinner het me als de dag van gisteren. Het was zaterdagmiddag rond een uur of twee. Die ochtend had ik – als voorhoedespeler van de D-jeugd van de inmiddels niet meer bestaande voetbalclub KVC – waarschijnlijk weer wat kansen om zeep geholpen en ik zat inmiddels huiswerk te maken. Mijn vader, toenmalig bestuurslid van VVV, vroeg of ik zin had om die avond samen met hem naar ‘De Koel’ – nog steeds Neerlands meest pittoreske voetbalstadion – te gaan voor de wedstrijd tussen VVV en FC Den Bosch. De Venlonaren hielden het Den Bosch van Ruud van Nistelrooij en Anthony Lurling op 1-1 en mijn liefde voor het spelletje was geboren. Inmiddels, 14 seizoensgidsen van Voetbal International verder, ben ik bijna afgestudeerd als parlementair historicus en durf ik te zeggen dat ik van meer antiquarische voetbalfeitjes – van lang vergeten eindtoernooien tot de Nigeriaanse competitie anno 2011 – op de hoogte ben dan menig ander liefhebber. Deze feitjes zal ik – evenals mijn ervaring als hoofredacteur van diverse tijdschriften – gaan aanwenden om dit initiatief tot een succes te maken. Kleine momentjes en kenschetsen van vergeelde voetbalbladzijden vormen mijn specialisatie – bedoeld om bij elke lezer een ‘aha-erlebnis’ op te wekken."
%d bloggers liken dit: