//
Artikel
Dinsdag, talentendag

Dinsdag, talentendag! De Skybox presenteert Nederlands grootste talenten: 10-6

De Skybox presenteert de vijftig grootste Nederlandse talenten die in 1990 of later zijn geboren. Elke dinsdag verschijnt hier een aantal talenten, met uiteindelijk op 28 februari de presentatie van ‘s lands drie grootste talenten van dit moment, naar de bescheiden mening van de heren redacteuren van De Skybox. We denderen vandaag de top 10 binnen met de nummers 10 tot en met 6. Welke vijf toptalenten blijven over?

10. Jordy Clasie

Haarlemmer Jordy Clasie leek lange tijd te klein voor het profvoetbal. Hij is met zijn 169 momenteel echter een van de revelaties van het Feyenoord-team dat dit seizoen bij vlagen prima voetbal laat zien. De waarde van de kleine middenvelder valt misschien nog wel het meest op wanneer hij er niet bij is. Als controlerende middenvelder, kort voor de defensie, is Clasie meer dan een balafpakker. Vergeleken bij andere balafpakkers in de Eredivisie heeft Clasie een geweldig overzicht en ziet hij in één oogopslag waar de bal naartoe moet. En het mooiste van alles is dat Clasie de bal daar dan ook panklaar neer kan leggen. Feyenoord is in zijn nopjes met deze ‘spelversneller’ en bondscoach Van Marwijk heeft al een aantal malen aangegeven gecharmeerd te zijn van de middenvelder, die tot voor kort een anonieme rol op het middenveld had in Kralingen, bij kleine broer Excelsior. Het uitstekende spel van het Excelsior van 2010/2011 werd slechts door weinigen toegeschreven aan de kwaliteiten van Clasie: Guyon Fernandez, Ryan Koolwijk en Geert Arend Roorda eisten de hoofdrollen op. Met terugwerkende kracht moet gezegd worden dat Clasie daarmee veel tekort werd gedaan.

9. Leroy Fer

Evenals Clasie is ook Fer een middenvelder en afkomstig uit de Feyenoord-jeugd. Daar houden de gelijkenissen dan ook meteen op. De nieuwbakken Twentenaar is zo’n twintig centimeter groter dan de nummer tien van deze lijst en zijn doorbraak ligt al een aantal jaren achter ons. Geboren en getogen in Zoetermeer maakte hij veel indruk bij de lokale voetbalclub. Zoveel indruk, dat Feyenoord er als de kippen bij was om de lange middenvelder over te nemen. In de A-jeugd kreeg hij vanwege zijn postuur van zijn toenmalige trainer Jean-Paul van Gastel de bijnaam ‘Uitsmijter’ en het leek een kwestie van tijd voordat Feyenoord-trainer Bert van Marwijk hem naar het eerste elftal zou overhevelen. Hij kreeg die kans in december 2007 als invaller voor Nuri Sahin en de media was diep onder de indruk. In de seizoenen daaropvolgend groeide Fer uit tot een gewaardeerde kracht in een vaak zoekend Feyenoord. Kampioenskandidaat FC Twente haalde de middenvelder in de zomer van 2011 voor het grote bedrag van 5,5 miljoen euro naar Enschede en na een halfjaar aanpassen en het ontslag van Adriaanse, die het niet zo in de sterke middenvelder zag zitten, lijkt hij ook daar zijn draai te hebben gevonden. Fer maakte inmiddels al zijn debuut in het Nederlands Elftal en is een van de kandidaten om op termijn de rol van Mark van Bommel over te gaan nemen. Fer heeft voor op veel andere kandidaat-opvolgers dat hij ook een goede actie naar voren heeft en regelmatig voor het vijandelijke doel komt.

8. Jeffrey Bruma

Jeffrey Bruma was een van de eerste spelers die Nederland liet kennismaken met de daadkrachtige transferpolitiek van de grote Engelse clubs. De beresterke Rotterdamse verdediger, die – als neefje van Ajacied Lorenzo Ebecilio – geboren werd als Jeffrey van Homoet, werd immers al op vijftienjarige leeftijd uit de jeugdopleiding van Feyenoord geplukt door het Britse Chelsea. Ondanks de moordende concurrentie in het Londense centrum, waren de achtereenvolgende coaches onder de indruk van de Nederlandse verdediger, die speelminuten maakte toen de managers ook de beschikking hadden over oud-PSV’er Alex, Ricardo Carvalho, Branislav Ivanovic, Ricardo Carvalho en John Terry. Toen die enkele speelminuten niet voldoende waren om de centrale verdediger zich maximaal te laten ontwikkelen, besloot de clubleiding in de winter van 2011 Bruma te verhuren aan Leicester, waar hij een meer dan behoorlijke indruk achter liet. Op dat moment had Bruma al zijn eerste speelminuten in het ‘grote’ Nederlands Elftal gemaakt. Inmiddels komt de Rotterdammer uit voor HSV in Duitsland, waar via de Londense connectie Frank Arnesen momenteel meer Chelsea-spelers op huurbasis spelen. In Noord-Duitsland doet Bruma het niet slecht, maar weet hij zich maar ten dele te onttrekken aan de algehele malaise. Bruma speelde nog veel te weinig om zijn naam te vestigen, maar met zijn snelheid, kracht en meedogenloosheid laat hij bij vlagen in Noord-Duitsland zien waarom sommigen in hem een nieuwe Jaap Stam zien.

7. Zakaria Labyad

Zonder enige twijfel is Labyad een van de meest begaafde spelers in deze top50, maar of hij ooit voor het Nederlands Elftal zal spelen is onwaarschijnlijk. Ondanks de berichten dat de geboren Utrechtenaar waarschijnlijk voor Marokko zal gaan kiezen en inmiddels zelfs al een uitnodiging van Erik Gerets heeft ontvangen, hebben de Nederlandse voetballiefhebbers de hoop op een Oranje debuut voor de Eindhovense dribbelkoning nog niet opgegeven. Tegen beter weten in, dat misschien wel – zeker na zijn verwijdering uit Jong Oranje toen de overschrijvingsgeruchten zijn toenmalige trainer Wim van Zwam bereikten –  maar het voetbaltalent van Labyad staat buiten kijf. Ooit bij de Eindhovenaren terechtgekomen via een tip van zijn trainer bij Elinkwijk Ali Afellay – inderdaad, de vader van – groeide hij onder de vleugels van Afellay-junior steeds meer uit tot een pareltje. Als een van de spaarzame lichtpuntjes op de Herdgang stond Labyad al jaren te boek als een toptalent en was hij voorbestemd om in de voetsporen van Aissati en de genoemde Afellay te treden. Dat doet hij dit seizoen met verve. Hij krijgt van Rutten de voorkeur boven de gevestigde naam van Jeremain Lens en betaalt dit vertrouwen wekelijks uit met dribbels en rushes aan de rechterkant, waar hij zowel binnendoor als buitenom kan passeren. Labyad en zijn zaakwaarnemer steggelen momenteel over de al dan niet rechtsgeldigheid van een optie in het contract van de vleugelspeler. Als het aan Labyad ligt, wordt deze optie niet rechtsgeldig verklaard en kan hij in de zomer tekenen voor Sporting Lissabon. De soap over het voetballen voor Marokko danwel Nederland en de soap over het contract; ze tonen beide het wispelturige karakter van de begaafde vleugelspeler. Wordt hij minder grillig, én besluit hij alsnog een Oranje shirt aan te gaan trekken, dan is Labyad een toekomstig zekerheidje in het Nederlands Elftal. Maar dat is nog erg ver weg.

6. Luuk de Jong

Luuk de Jong, bron: http://www.fcupdate.nl

Gelukkig, we hebben in Nederland ook jongens die behalve de beschikking hebben over een paar prima benen, ook beschikking hebben over een prima verstand. Zo’n speler is Luuk de Jong. De Achterhoekse (schaduw)spits – die te kennen heeft gegeven alleen nog maar als diepe spits te willen spelen – heeft in zijn contract een Persoonlijk Ontwikkelingsplan laten opnemen. Luuk de Jong is de jongere broer van Ajacied Siem en de zoon van twee gewaardeerde oud-volleybalinternationals die carrière maakten in Zwitserland. Daar, in het Zwitserse Aigle, werden de gebroeders De Jong dan ook geboren. Beide hebben echter inmiddels het Oranje Nederlands Elftalshirt mogen dragen en Luuk de Jong lijkt één van de topkandidaten voor de spitspositie van het Nederlands Elftal. Het toont de snelle ontwikkeling van de spits. In het seizoen 2008/2009 maakte hij zijn eerste speelminuten voor De Graafschap en hij viel destijds niet bijzonder op op De Vijverberg. Hij oogde destijds wat traag. Dat snelheid en explosiviteit trainbaar zijn, bewees Luuk de Jong de seizoenen daarop voor FC Twente. Na zijn transfer naar Twente eventjes in de vergetelheid geraakt door zijn reservepositie achter spits Blaise N’Kufo, keerde hij in 2010/2011 terug in de schijnwerpers als schaduwspits achter spits Marc Janko. Na het vertrek van de Oosterijkse doelpuntenmachine in de winter van 2012, is De Jong de onbetwiste spits in Twente. Een goede basistechniek, een neusje voor de goal en een exceptioneel arbeidsethos zijn de ingrediënten die van spits De Jong een goed aanspeelpunt en wellicht een toekomstig Oranje moordenaar in de zestien gaan maken.

Over Remy Maessen

"Ik herinner het me als de dag van gisteren. Het was zaterdagmiddag rond een uur of twee. Die ochtend had ik – als voorhoedespeler van de D-jeugd van de inmiddels niet meer bestaande voetbalclub KVC – waarschijnlijk weer wat kansen om zeep geholpen en ik zat inmiddels huiswerk te maken. Mijn vader, toenmalig bestuurslid van VVV, vroeg of ik zin had om die avond samen met hem naar ‘De Koel’ – nog steeds Neerlands meest pittoreske voetbalstadion – te gaan voor de wedstrijd tussen VVV en FC Den Bosch. De Venlonaren hielden het Den Bosch van Ruud van Nistelrooij en Anthony Lurling op 1-1 en mijn liefde voor het spelletje was geboren. Inmiddels, 14 seizoensgidsen van Voetbal International verder, ben ik bijna afgestudeerd als parlementair historicus en durf ik te zeggen dat ik van meer antiquarische voetbalfeitjes – van lang vergeten eindtoernooien tot de Nigeriaanse competitie anno 2011 – op de hoogte ben dan menig ander liefhebber. Deze feitjes zal ik – evenals mijn ervaring als hoofredacteur van diverse tijdschriften – gaan aanwenden om dit initiatief tot een succes te maken. Kleine momentjes en kenschetsen van vergeelde voetbalbladzijden vormen mijn specialisatie – bedoeld om bij elke lezer een ‘aha-erlebnis’ op te wekken."

Reacties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: